We hebben er heel snel voor kunnen zorgen dat Flevoland gastprovincie op de HISWA werd. We hebben ons snel kandidaat gesteld om ons te profileren. We hadden een hele goede samenwerking met de gemeente Dronten, en we hebben ons kandidaat gesteld voor de Wereld-Jamboree. Geweldig! De Scouting kon kiezen tussen Spaarnewoude en Flevoland. Beide aantrekkelijke aanbiedingen, maar ze kozen voor de betrouwbaarheid van de overheden in Flevoland. Ze waren ongelofelijk bang, bijvoorbeeld, dat in Spaarnewoude geen scouts vanuit Zuid-Afrika of weet ik wat mochten komen. Spaarnewoude was een goede aanbieding en Flevoland ook, maar de betrouwbaarheid van de overheden: ja!
We hebben er geweldig veel voor gedaan - dat was op ieder terrein natuurlijk, maar bij recreatie, toerisme en economische zaken speelde dat nog wat meer – om ervoor te zorgen dat Flevoland op de kaart kwam te staan. Met kleinigheden, bijvoorbeeld dat op het weerkaartje op de TV de landkaart goed werd getekend. En bij maatschappelijke organisaties. Ik weet wel dat we overal zeiden: “Wat elf was, moet nu twaalf worden!”
Bij de aartsbisschop hebben we nog wel eens gepleit voor een andere indeling van de bisdommen! Bij het ministerie van Justitie om in feite een rechtbank te krijgen. Dat moest er allemaal nog komen, want er was dus niks! De andere departementen hadden zich niet bemoeid met de hele ontwikkeling. Dat moest dus geregeld worden. Door de andere provincies werden we gastvrij ontvangen, ja, dat vonden we wel leuk. Nogmaals: we hebben nooit ons best gedaan om voorbeeld te zijn, maar wel om goed te zijn.