Korte cursus laaglandontwikkeling in Nederland en Indonesië

Enkele maanden geleden werd ik weer benaderd voor een korte cursus over laaglandontwikkeling in Nederland en Indonesië voor zo’n dertig jonge medewerkers van het Ministerie van Publieke Werken. Van mij werden vooral bijdragen verwacht over de ontwikkelingen met betrekking tot de polders in Nederland en betreffende de daadwerkelijke aanleg en ontwikkeling van polders in Nederland en in Indonesië.

Type huis waarin de succesvolle boeren omstreeks 2010 het gebied woonden

Type huis waarin de succesvolle boeren omstreeks 2010 in de nieuw ontgonnen gebieden in de delta van de Musi in Zuid-Sumatra woonden (foto Bart Schultz)

Alle rechten voorbehouden

Zoals ik in enkele eerdere bijdragen aan Flevolands Geheugen heb gemeld ben ik sinds 1985 op verschillende manieren betrokken geweest bij de ontwikkeling van laaglandgebieden en polders in Indonesië. Ik ben dan ook met een drietal medewerkers van IHE-Delft afgereisd naar Jakarta waar de cursus in een hotel zou worden gehouden.

De eerste twee ochtenden hebben we vooral onze presentaties gegeven, met ’s middags korte oefeningen. Op woensdagochtend werden ook nog presentaties verzorgd. Ook voegde zich een medewerker van het ministerie bij ons, die overigens een voormalige student van ons was en waarmee we vorig jaar in de Dadahuppolder in Zuid-Kalimantan waren geweest. Hij presenteerde vooral het nieuwe project van de regering voor grootschalige laaglandontginningen in de omgeving van Merauke op Papua. Dit project speelt nu een belangrijke rol in verband met de nagestreefde toename in de voedselproductie van Indonesië.

Er bleken maar liefst twintig ministeries bij de planvorming en de realisatie betrokken te zijn, en ook nog de nodige andere organisaties. Dit maakt de realisatie nogal complex. Ook hebben we de eerste fase van het project in meer detail besproken. Hierbij bleek dat ook de fysieke omstandigheden in het te ontginnen gebied nogal complex zijn. Zo moeten de nieuwe ontginningen worden gerealiseerd op nogal losse kleigronden.

In dit verband was er ook de nodige belangstelling voor het ontginningsproces dat we destijds vanuit de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders hebben gerealiseerd. Ik heb daarom nog maar snel een aantal plaatjes over dit ontginningsproces aan mijn presentaties toegevoegd en het belang benadrukt om de tijd te nemen voor de ontginning, omdat anders de boeren onder omstandigheden zullen worden gevestigd waarbij ze voor grote problemen komen te staan met ook de nodige negatieve gevolgen voor het project zelf.

Eén van de deelneemsters was goed op de hoogte met de situatie in het Telang I gebied in de delta van de Musi in Zuid-Sumatra. Zoals ik ook in mijn bijdrage aan Flevolands Geheugen over Polders bij primair kanaal 6 in de Musi Delta, Zuid Sumatra beschreven heb ben ik sinds 1985 verschillende keren in dit gebied geweest en heb daarbij met veel voldoening gezien hoe goed de boeren zich in dit gebied ontwikkeld hebben. In 2016 was ik er voor het laatst geweest. Zij vertelt mij dat de goede ontwikkeling zich verder heeft voortgezet. Wel is er nu een probleem met slibafzetting in de secondaire kanalen. Deze liggen er inmiddels ook zo’n vijftig jaar en moeten hoog nodig eens uitgebaggerd worden. Ik hoop dan ook dat dit op korte termijn zal worden gerealiseerd.

De laatste twee dagen hebben de deelnemers in groepen de nodige oefeningen uitgewerkt. De resultaten ervan zijn tijdens de laatste middag in groepen gepresenteerd. Hierbij viel het ons op dat ze er plezier in hadden en zeer goed met elkaar samenwerkten. Dit beloofd dus veel goeds voor de toekomst.

Zoals gezegd vond de korte cursus plaats in een hotel in Jakarta. Dit hotel had maar liefst 27 verdiepingen, en Jakarta was met in totaal 42 miljoen inwoners inmiddels de grootste stad ter wereld geworden. Door toeval had ik een maand eerder in Kuala Lumpur, met in totaal 7,5 miljoen inwoners, in een soortgelijk hotel verbleven. Deze hotels, en vele overeenkomstige torenflats staan in dichtbevolkte mogelijk overstroombare gebieden, of zelfs in polders met een relatief lage bescherming tegen overstromingen. De kans dat er ergens in dit soort steden fout gaat door een overstroming neemt door dit soort ontwikkelingen de komende tijd alleen maar toe.

Alle rechten voorbehouden

Media