Een baileybrug op houten palen

De heer Van de Wetering meldde zich in 1945 aan voor werk in de Noordoostpolder. Iedere dag reisde hij van Kampen naar de polder en terug. In die dagen een tijdrovend karwei.

Privécollectie Hennie van de Wetering

Vergunning tot het betreden van de Noordoostpolder (Privécollectie Hennie van de Wetering). Door: Karin Haveman

Alle rechten voorbehouden

Toen mossen we op de fiets naar de Ramspol en daor stond een paord en wagen klaar van de boer en doar gingen we mee naar de boer toe. En daar gingen we mee aan ’t werk. En ’s avonds ok weer om. Want toen hai nog het veer, de schouwe, en toe mossie eerst met het veer over. En toen hai nog een baileybrugge. Dat was een brugge gewoon op holten palen. En daor kon allenig nog maar een auto over in de breedte, maar niet nog een fietser. Dus toen mossen wij eerst wachten t’as de olto d’r af was en toen konden we de scholde (schouw, platte schuit om personen over te zetten) op en dan gingen we naor d’overkant toe.

Bron: Landschapsbeheer Flevoland, interview van Dicky Meijer met de heer H. van de Wetering, 30 juni 2010.

Alle rechten voorbehouden

Media

Landschapsbeheer; D. Meijer