Spelen rond een drooggevallen scheepswrak

Tinus Klasens kwam in 1956 met zijn ouders en zusje naar Nagele in de Noordoostpolder, een splinternieuw dorp! De omgeving zat vol verrassingen:

Waterschip Nagele

Wat deden we aan de Professor Brandsmalaan? Een van de eerste dingen die we daar te horen of te zien kregen, op de eerste strooptochtjes, was een wrak, zal ik maar zeggen. Er lag bij de familie Buizerd, dat was de één na laatste boerderij aan de rechterkant, als je van de Domineesweg kwam, daar lag een oud schip in het land. Dat lag een beetje… het leek wel wat op een terp. En daar lag een boot van, pak ‘m beet, een meter of 20, 30 lang, waar de zijkanten nog van stonden. De boeg lag er af. De achterkant lag er nog in. Het dek lag er helemaal af. Er was verder niets meer te vinden. Hier en daar en bankje of een balkje, dat zat er nog in. Het ding stond half vol water en dat was de moeite waard om te zien. Dat was gewoon leuk! Daar liep je gewoon te spelen, daar liep je schelpen te zoeken, daar vond je pijpenkoppen, daar vond je van alles.

Bron: Landschapsbeheer Flevoland, interview van Cecile Wedershoven met Tinus Klasens, 31 december 2007.

Alle rechten voorbehouden