Ook fazanten hielden van volkstuinen

Wim Meuleman hield van de natuur, vooral van die in zijn volkstuin. Dus trok hij ten strijde tegen de fazanten die het op zijn bonen hadden voorzien.

Fazanten

Nou, die jachtopziener had niets op die tuin tegen, maar wel dat ik een fazantje ging vangen. Ik had een stolpje opgezet, van gaas. Dat had ik op de achterkant dicht en daar strooide ik wat kippenvoer in. Dan had ik er een stuk los gaas bij liggen. Dan kwam de fazant er van de voorkant in, ik deed het gaas aan de achterkant dicht en dan was de ‘kip’ voor mij. Want die ‘kip’ vrat van alles van ons op. Ik heb één keer gehad dat ik voor de derde keer tuinbonen moest zetten, omdat die rotdingen de tuinbonen steeds uit de grond haalden. Ik had tuinbonen in de week gezet in de parathion, dat mag nu helemaal niet meer gebruikt worden. Ik moest de parathion bij me weghouden van de stank. De jachtopziener kwam toen ook bij mij over de mat. Die zegt: "Wat ben je nou aan het doen?" Ik zeg: "Ik vergiftig hier alles." Ik heb wel gehad dat er hier 22 fazanten in de bomen zaten.

Bron: Landschapsbeheer Flevoland, interview met de heer Wim Meuleman door Nico de Jong, 22 februari 2011.

Alle rechten voorbehouden

Media

Wim Meuleman over fazanten en volkstuinen