Frits Tellegen (1919-2020)

Frits Tellegen werd in 1919 geboren in Amsterdam. Zijn vader Bernard Tellegen (1888-1920), voormalig houtvester in het toenmalige Nederlands-Indië, was de oudste zoon van J.W.C. Tellegen (1859-1921), die van 1915 tot zijn overlijden burgemeester van Amsterdam was. De feministe en verzetsstrijdster Marie Anne Tellegen (1893-1976), die van 1945 tot 1959 directeur van het Kabinet van de Koningin was, was een zuster van Bernard en dus een tante van Frits. 

Frits Tellegen vestigde zich in 1937 in Delft, waar hij aan de Technische Hogeschool studeerde. Tijdens de Duitse bezetting zat hij een tijdlang vast in de beruchte Polizeigefängnis in het Huis van Bewaring in Scheveningen (het 'Oranjehotel') omdat hij betrokken was bij het studentenprotest tegen het ontslag van Joodse hoogleraren van de TH Delft. Na zijn vrijlating weigerde Tellegen de z.g. loyaliteitsverklaring te ondertekenen, dit op advies van de latere premier Wim Schermerhorn, die destijds hoogleraar in Delft was. Hierdoor dreigde hij naar Duitsland te worden afgevoerd in het kader van de Arbeitseinsatz. Om uit het zicht van de Duitsers te blijven verhuisde Tellegen naar Amsterdam. Een deel van zijn tijd bracht hij door bij zijn moeder in de Euterpestraat (na de oorlog hernoemd tot Gerrit van der Veenstraat). Hij gaf bijlessen wis- en natuurkunde aan leerlingen van de HBS of het gymnasium om de kost te verdienen. Verder was Tellegen actief in het Amsterdamse verzet (later de Binnenlandse Strijdkrachten). 

In 1948 studeerde Tellegen af als civiel ingenieur. Datzelfde jaar trouwde hij met Louise Maier (1920-2010), Mensendieck-therapeute te Amsterdam. 

Na zijn afstuderen trad Tellegen in dienst van achtereenvolgens Ingenieursbureau van Hasselt en De Koning (1948-1952) en de Hollandse Betonmaatschappij (1952-1957). Voor de laatste firma was hij onder andere werkzaam in Bagdad.

In 1957 kreeg Tellegen een aanstelling bij de Dienst Gemeentewerken van Zaandam. Uiteindelijk werd hij er directeur. Dit bleef hij tot 1 november 1964, toen hij in dienst trad van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP), die tot taak had de IJsselmeerpolders in cultuur te brengen en in te richten. Tellegen was benoemd tot hoofd van de bouwkundige hoofdafdeling van de RIJP. Het echtpaar Tellegen verhuisde naar Zwolle, waar de RIJP toen was gevestigd, en later naar Lelystad. Frits Tellegen ging in januari 1983 met pensioen.