De Noordzee zorgde voor een moerassig milieu

Rein Koopstra vergelijkt het landschap dat ontstond door toedoen van de Noordzee met de Biesbosch en de Wadden. Kenmerkend waren de diepe geulen met aan weerszijden oeverwallen.

Bodemprofiel in de Noordoostpoldre.

En dan kom je dus in de periode dat de zeespiegel vrij snel gaat stijgen. Dan komt de Noordzee dichterbij en die voert op een gegeven moment materiaal aan. Dan wordt het zout of brak en die voert dus ook materiaal naar binnen toe en dan komt het in het stroomgebied van de IJssel en de Vecht, een Biesboschachtig idee. Daar komt dan een moerasachtig milieu en er komt klei en zand naar binnen. Dan wordt het ook een gebied met stroomdraden en geulen met oeverwallen daarnaast. Dat is wat je nou op de Wadden hebt en waarvan je restanten in de Biesbosch vindt. Een diepe geul met aan weerskanten een verhoging van het slib dat uit die geul komt, in rustig water komt en neervalt. En dat wordt dus een oeverwal. Omdat het dus het stroomgebied werd van een belangrijke rivier die materiaal afvoert, zand, vooral in een periode van overgang van pleistoceen naar holoceen.

Dat is ook de periode van koud naar warm en in die warme periode gaat de zeespiegel omhoog. Maar het stagneert ook wel eens en als het koud is en het waterpeil enigszins daalt, dan komt die hele zandvlakte droog te liggen. En dan gaat de wind weer meedoen in het spel en dan komt, waar jij met je vraag op doelde, dat er ook duintjes ontstaan. Dat zijn dan de bekende rivierduinen. Die gaan dan helemaal met de IJssel mee, want kom je in Wilsum of in Grafhorst dan heb je dus ook rivierduinen. Grafhorst bijvoorbeeld, dat ligt op een behoorlijk duin hoor, maar in IJsselmuiden heb je dat ook. Dat is dus de vorming van rivierduinen. Maar dan gaat de zeespiegel weer omhoog en die blijft omhoog gaan. Stijgt misschien wel eens wat minder snel dan normaliter, daar zit dus wel eens verschil in, maar dan komt er weer een kleilaag boven op. En dan is het op een gegeven moment zo ver dat de zeespiegelrijzing bijna op het eind is. Maar dan heb je al een opbouw van het hele kleipakket van de zandbodem tot de meerbodem.

Bron: Landschapsbeheer Flevoland, interview met de heer Rein Koopstra door Nico de Jong, 5 oktober 2011.

Alle rechten voorbehouden