"Ik heb het huis in Lelystad ongezien genomen"

2 geïnteresseerden

Thea Laffra wilde zo snel mogelijk weg uit haar onveilige woonsituatie in Amsterdam. Zij schreef een brief aan de RIJP. Zij en haar man kregen onmiddellijk een uitnodiging om naar Lelystad te komen. Thea Laffra vertelt.

Thea Laffra met haar eerste kind en in verwachting van haar tweede kind voor het nieuwe huis in de Kempenaar, 6 juni 1975

Ik met mijn man hier naar Lelystad. De man die ons daar ontving, zei: “Nou mevrouw, u hebt mij een paar slapeloze nachten bezorgd met die brief van u.” Hij zag mijn dikke buik en hij zei:

“Mijn kindertjes spelen gewoon voor de deur en dan hoor ik uw verhaal. U gaat elke dag naar een park en daar lopen alleen maar mensen met een hond. Er spelen daar helemaal geen kinderen. Dat is afschuwelijk in Amsterdam! Kinderen moeten hier gewoon gezond en vrij kunnen bewegen.”

Maar hij zegt: “Ik heb niet de macht om u een huis aan te bieden, want dat zit heel ingewikkeld in elkaar. Maar elke twee weken hebben wij een gesprek met de gemeente Amsterdam over de verdeling van de woningen.” Hij zegt: “Eerst krijgt u uw postzegel terug, want als wij u antwoorden, dan hebben wij daarvoor een soort stempel.” Hij zegt: “Ik kan u niets beloven, maar ik zou de post toch maar goed in de gaten houden.” Dat was meneer Postma, Enno Postma. […]

Nou, toen elke dag echt uitgekeken naar de postbode. Omdat de post in het trappenhuis werd gegooid – dat was dus voor alle buren – stond ik op een gegeven moment al achter de brievenbus. Toen kwam er een heel dik pak: “Yes, dat is het!” Die postbode aan het wrikken om het pak door de brievenbus te krijgen en ik stond aan de andere kant te trekken. En opeens had ik het en dat was het! Ik liep al op alle dagen. ’s Avonds komt mijn man thuis en ik zeg tegen hem: “Ga zitten. Wij wonen op Kempenaar 10-24!” Hij zegt: “Hoe dat zo?” Ik zeg:

“Nou hier is het, met de tekeningen en de hele bups…. Ja, die kaart heb ik onmiddellijk ingevuld en meteen weer op de bus gedaan, want ik ben als de dood dat anders een ander die woning krijgt.”

Ik was in Amsterdam die druk gewend van zoveel mensen voor één huis. Dus heb ik het huis in Lelystad ongezien genomen.

Toen kwamen we weer naar Lelystad om te ondertekenen. Enno Postma zei: “Ik heb het toch voor elkaar gekregen. Je hebt met jouw verhaal zo’n indruk gemaakt, dat ik heb er voor gepleit dat jij gewoon voor mocht.” Dus, dat was heel bijzonder. Toen werd mijn tweede dochter geboren. Het was 1975 en Amsterdam bestond 700 jaar. Het was in die tijd dat iedereen een beetje ludiek was, dus ik wilde zelf het geboortekaartje maken. Daar heb ik meteen een verhuisberichtje aan toegevoegd met de tekst:

Amsterdam, al ben je jarig en al zevenhonderd jaar,
toch gaan wij jouw feest verlaten om ons te vestigen aldaar,
waar het land en leven goed is, weg van de stank van hondenpoep,
waar onze kindjes kunnen spelen zonder auto’s op de stoep.
Toch moeten wij jou bekennen: in ons hart vinden wij het fijn
om op het nippertje met zijn viertjes ras-Amsterdammertjes te zijn.

In die tijd lag je nog keurig zeven dagen in het ziekenhuis en dat was heerlijk! En in die zeven dagen heeft mijn man met mijn moeder alles naar Lelystad verhuisd. Hij kwam me dus pas op zevende ophalen met mijn dochtertje, dat bij mijn moeder had gelogeerd, de kat in een mandje en toen in de auto naar Lelystad. Ik woon hier nu Lelystad al weer veel langer dan dat ik in Amsterdam heb gewoond.

Bron: Batavialand te Lelystad, Project Nederlanders – Wereldburgers, interview met Thea Laffra op 17 september 2012 te Lelystad.

Alle rechten voorbehouden

Media